Dwerggroei


Op de website van de Nederlandse Vereniging van Saarlooswolfhonden is te lezen dat dwerggroei bij de Saarlooswolfhond niet voorkomt. Althans niet in hun populatie. Een opvatting die bij specialisten de wenkbrauwen doet fronsen, maar meestal op de lachspieren werkt, want geen enkel onderzoek ligt aan deze bewering ten grondslag. Dat hoeft ook niet, want de NVSWH beweert domweg dat alle erfelijke afwijkingen altijd buiten de eigen populatie voorkomen. En als je dat maar vaak genoeg zegt, zijn er vanzelf mensen die dat gaan geloven. We laten die bewering dan ook maar voor wat die waard is. Het volgende schema geeft de vererving van dwerggroei weer.

enkelvoudig-recessieve vererving met 1 drager:

combinatie vrij x drager

combinatie vrij x drager

Hypofysaire dwerggroei komt helaas voor bij de Saarlooswolfhond, of dat nu ontkend wordt of niet. Op de ledenvergadering van de NVSWH in 2006 mocht Tanja Stoetman vertellen over haar ervaring. Ze had een Saarlooswolfhondteef van fokster Corrie Keizer in Frankrijk overgenomen die drachtig bleek te zijn. Er kwamen twee dwergjes uit. Dwergen zijn meestal niet levensvatbaar. Zo’n 90% van de puppen sterft voordat ze als dwerg worden herkend.

Van de pups die overleven en die geen medische behandeling krijgen, is de levensverwachting slechts 2 tot 4 jaar. Een van de dwergen bleef in leven. Tanja probeerde dit dwergje, Saartje, met veel liefde, aandacht en medische zorg een zo normaal mogelijk leven te geven. Het was een onthutsend verhaal, maar van een bewuste keus van drager x drager is hier geen sprake geweest. Geen enkele fokker fokt bewust zieke dieren. Helaas werd dit verhaal weer door de NVSWH aangegrepen om vermeende misstanden buiten de eigen fokkerij aan te tonen.

Het is onduidelijk of dwerggroei voorkomt bij de NVSWH. Gegevens daarover houdt de NVSWH angstvallig geheim. Er komt echter wel PRA voor in de NVSWH, een erfelijke oogafwijking die tot blindheid leidt en op exact dezelfde manier vererft als dwerggroei. Toen (te) veel honden van de NVSWH aan PRA bleken te lijden, besloot die vereniging de honden in het buitenland te laten onderzoeken om op die manier te voorkomen dat de uitslagen in Nederland bekend zouden worden. Zo kon men vrolijk het bestaan van PRA in de populatie blijven ontkennen. Naar mijn mening een bijzonder laakbare manier van handelen.

Maar dat is nog niet het eind van het verhaal. De NVSWH fokt nu ook met honden die aan PRA lijden. Maar of het nu gaat om PRA of om dwerggroei, de erfelijkheidswetten zijn binnen de NVSWH precies hetzelfde als daarbuiten. Om misverstand te voorkomen: met lijders aan dwerggroei kan niet worden gefokt, omdat ze onvruchtbaar zijn. PRA lijders zijn gewoon vruchtbaar. Kruis een PRA-lijder met een PRA-drager en 50% van de pups zal aan de ziekte lijden en 50% wordt drager. Dat betekent dat alle nakomelingen het schadelijke gen bij zich dragen en door zullen geven aan het nageslacht. Koppel een drager aan een drager en een kwart van de nakomelingen heeft kans aan de ziekte te lijden, de helft heeft kans het schadelijke gen bij zich dragen en maar een kwart heeft kans de afwijking niet te krijgen. Het schema van een lijder en een drager ziet er zo uit:

Enkelvoudig recessieve vererving met 1 lijder en 1 drager:

combinatie lijder x drager

combinatie lijder x drager

Geneticus Ir. Ed.J. Gubbels zegt dat de meeste fokkers het volgende niet beseffen.Als binnen een ras slechts 1 procent van de dieren een enkelvoudig recessief verervende afwijking heeft vinden we binnen dat ras 18 procent dragers!”

Dragers geven het gen aan de helft van hun nakomelingen door. Als 4 procent van de dieren aan deze afwijking lijdt, vinden we al 32 procent dragers binnen dat ras. Dat betekent dat 1 op de 3 dieren het schadelijke gen bij zich draagt en het op zijn beurt weer aan de helft van zijn nakomelingen door zal geven! Dat tikt hard aan. De NVSWH beschuldigt graag fokkers buiten de eigen kring die bewust dwergen zouden fokken. Maar waarom zou je bewust dwergen fokken? De NVSWH fokt aantoonbaar met honden die PRA hebben! Bewust blinde honden fokken? Het moddergooien van de NVSWH naar andere fokkers gaat gewoon door.

Alles wordt uit de kast gehaald om het zo gekoesterde “centrale” fokbeleid niet ter discussie te hoeven stellen. Het beleid waarbij de voorzitter bepaalt met welke honden gefokt wordt. Wanneer zal de NVSWH eindelijk eens schoon schip maken? En wanneer wordt een grondig en onafhankelijk onderzoek gestart naar alle problemen in de populatie? Leden die om zo’n onderzoek vroegen, werden geroyeerd. Het blijft sindsdien oorverdovend stil. Maar gelukkig kon de NVSWH weer een paar lastpakken wegstrepen op de ledenlijst, die het waagden vragen te stellen waarop geen antwoord kwam! Dit alles natuurlijk – zogenaamd – in het belang van de Saarlooswolfhond.

Lees hier over de dwalingen bij het fokken van rashonden:   deel 1     deel 2    deel 3



Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Erfelijkheid en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

8 reacties op Dwerggroei

  1. Silverke zegt:

    http://www.geocities.com/Heartland/Meadows/6074/ Een site met fotos over dwerggroei bij Duitse herders. Ze blijven soms wel in leven, maar oud worden ze zelden. Meestal hebben ze nog verschillende andere medische problemen. Teefjes mogen nooit zwanger worden, want de pups zijn normaal van grote en vermoorden dus de moeder.De meeste rasverenigingen stellen blijkbaar andere prioriteiten als de gezondheid v/h ras waar ze voor staan oa het eigen ego en het geldgewin.Helaas maar waar.groetjes Suzy

  2. Harold Lommernok zegt:

    Het centrale fokbeleid mag niet in discrediet raken om de fokreputatie te redden? Is dat het dan? Het gaat dus niet om de gezondheid van het ras, maar om iets anders! Groeten, Harold. PS. Ga door dit aan de kaak te stellen!!!

  3. tanja stoetman zegt:

    hoi, zag even het stukje over dwerggroei. weet niet exact hoe het gaat met PRA, maar voor dwerggroei geldt jullie verervingsschema niet. lijders zijn sowieso onvruchtbaar. je kunt dus alleen een drager met een niet drager kruisen. in dat geval krijg je 50% dragers en 50% vrije honden. kruis je 2 dragers, dan krijg je 25% lijders, 50% dragers, en 25% vrije pups.
    dit even voor de juistheid van de info die jullie verspreiden.
    Gr Tanja Stoetman.

  4. t. stoetman zegt:

    het verhaal van Suzy klopt ook niet. Teefjes met hypofysaire dwerggroei zijn altijd ONVRUCHTBAAR. reutjes trouwens ook. ze kunnen dus geen pups krijgen die hun eigen moeder zullen opeten… enne: medische problemen hebben ze in overvloed, en inderdaad, oud worden ze zelden.
    Tanja.

  5. Johan zegt:

    Tanja, wat jij zegt is precies wat er staat. Drager X Niet-Drager geeft 50%-50%. Drager X Drager geeft 25-50-25. De opmerking: “dit even voor de juistheid van de info die jullie verspreiden” begrijp ik dan ook niet. De informatie is juist. Drs. Voorbij en Dr. Kooistra van de Universiteit Utrecht hebben trouwens een glashelder artikel geschreven over dwerggroei en de vererving daarvan in het clubblad van de AVLS.

    Over Suzy: dat is een reactie van iemand anders, daar ben ik niet verantwoordelijk voor.
    Groetjes, Johan

  6. t. Stoetman zegt:

    Je hebt gelijk Johan,
    Ik heb beide schema`s verward. de eerste gaat over dwerggroei, die klopt (al denk ik dat je nog even moet vermelden wat er gebeurt als je 2 dragers kruist), ik heb blijkbaar gekeken naar het schema over PRA, en omdat lijders aan dwerggroei niet vruchtbaar zijn kan je dus nooit een dwerg kruisen.
    Sorry voor het misverstand. Tanja

  7. Inge zegt:

    Hoi, ik houd mijn spreekbeurt over het fokken ven honden en de gevaren ervan en ik heb heel veel aan uw/jullie site gehad ik ben er erg blij mee. Ik zou U/jullie willen wijzen op een klein foutje op de site. Bij de erfelijkheid heeft u 2 maal een plaatje met een A en een a. Als een eigenschap ressersief is dan wordt de kleine a gebruikt, is een eigenschap dominant dan wordt de hoofdletter A gebruikt. D.w.z. dat wanneer een hond de alelen aa heeft niet vrij is maar lijder en dat de hond die AA heeft is niet lijder maar vrij. Op zich maakt het niet zo veel uit maar aldus Biologie docenten heeft een dominante eigenschap een hoofdletter en een ressersieve eigenschap een kleine letter.

  8. Johan zegt:

    Hoi Inge,

    Leuk dat je voor je spreekbeurt de informatie op dit weblog hebt gebruikt. Het is inderdaad zo dat een dominant gen met een hoofdletter wordt geschreven en een recessief gen met een kleine. Toch staat er geen fout in het schema. Een aa hond heeft een recessief gen van beide ouders geërfd. Dat a-gen geeft in dit schema een gezond gen aan en dan is de aa hond ook gezond, dus vrij. Een AA hond heeft een dominant gen van beide ouders gekregen en een Aa hond een dominant en een recessief gen. In het schema stelt A het gen voor dwerggroei weer. Een Aa hond is dus drager, een AA hond is lijder en een aa hond is vrij. Ik hoop dat het zo duidelijk is.

    Groetjes, Johan.

Geef je reactie:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s